Jade's verhaal
Jade is een meisje die mijn innerlijke wereld vorm kan geven. Tijdens haar leven gebruikt ze haar magische verrekijker om alles in het universum te bekijken. Soms kiest ze ervoor om met haar magische verrekijker in te zoomen op de horizon. En soms draait ze haar magische verrekijker om zodat ze kan uit zoomen. De beelden die ontstaan zijn vanuit beide perspectieven magisch en werkelijk tegelijk.
De wereld van Jade is werkelijk betoverd. Of is haar wereld betoverd werkelijk?
Met haar 'magische' verrekijker ziet Jade de wereld precies zoals die is en ervaart ze magische verbindingen en ontmoetingen met Ling.
Op de avond van midwinterzonnewende loopt Jade het labyrint van advent.
Met haar magische verrekijker natuurlijk, want die heeft ze altijd bij zich. Ze voelt de magie opkomen.
Wanneer Jade het midden van het labyrint bereikt, komt ze niet aan op een eindpunt. Juist daar opent zich opnieuw het begin.
In het hart van de cirkel ontstaat een betoverend spektakel, als een oerknal waarin oorsprong en bestemming samenvallen. Vanuit die ene beweging ontvouwt zich een andere laag van de werkelijkheid. Lijiang, Yunnan, het Meer van de Zwarte Draak en Líng verschijnen niet als een volgende stap op haar reis, maar als delen van een geheel dat altijd al aanwezig was.
Jade reist niet van hier naar daar. Ze beweegt door een werkelijkheid waarin binnen en buiten, begin en einde, afstand en nabijheid steeds in elkaar overvloeien.
Wanneer ze Líng in levende lijve ontmoet, voelt het daarom niet alleen als een eerste ontmoeting. Het is ook een herkenning. Alsof iets wat nooit werkelijk gescheiden is geweest, elkaar opnieuw vindt.
Zoals de cirkel terugkeert naar haar oorsprong, zo brengt de reis Jade niet verder van zichzelf vandaan, maar steeds dichter bij wat er altijd al was.